- Geplaatst op 24 februari 2025
- Geen categorie
Het WK in Qatar
Als ik over mijn schouders kijk naar de voorbije winter, zie ik vooral donkerte en onbeschrijflijk veel verdriet en lege plekken. Nooit eerder is er in een kwartaal zo vaak een beroep op mij gedaan als in de laatste drie maanden van 2024. Ik zal hier later dit jaar ongetwijfeld nog woorden aan spenderen. Ik heb echter de gewoonte te schrijven over een afscheid wat minimaal een jaar eerder heeft plaatsgevonden. En die traditie houd ik in stand.
De eerste narcissen en helleborussen van 2024 hebben zich al laten spotten, als ik naast de rouwautochauffeur zit. Pal achter mij zit zijn familie in volgwagens. Het is 14.11 uur. Pal voor mij staan vier politieagenten met hun gezicht naar de rouwauto gedraaid. Ik vermijd oogcontact. Deze dag is ook voor hun zeer beladen. Nieuwsgierig zijn al een aantal buurtgenoten naar buiten gelopen. Zij zien de dienders daar staan. Handen achter de rug, helm op. Keurig opgesteld aan de linkerkant van hun motor.
Om klokslag 14.15 uur vertrekt de staatsie. De route naar het crematorium is indrukwekkend. Van winkelend publiek dat stil blijft staan tot de Spijkenisserbrug die volledig is vrijgemaakt van autoverkeer. ,,Wat zou hij dit mooi hebben gevonden,” denk ik bij mijzelf. Om mijn aandacht vervolgens naar zijn gezin te verleggen. ,,Onmogelijk dat zij het droog houden,” zo luidt mijn conclusie, terwijl ik voorzichtig achterom kijk en zie dat de Nederlandse vlag feilloos gestreken op de kist van deze veel te jong overleden politieagent ligt. Mijn gedachtes gaan terug naar onze ontmoetingen.
Ruim twee jaar eerder ben ik voor het eerst bij hem thuis. ,,De dokters hebben gezegd dat ik het WK voetbal in Qatar niet ga halen.” ,,Dat is over vijf maanden al…” ,,Tja,” verzucht de agent. ,,Ik wenste ook dat het anders was.”
Als het WK begint, zit hij geregeld in mijn hoofd. Argentinië heeft zich net tot wereldkampioen gekroond, als ik hem weer aan de telefoon heb. ,,Ja sorry hoor,” klinkt het bijna verontschuldigend, ,,maar het gaat hartstikke goed met me. Ik dacht: ik laat het je toch even weten.”
,,Ik ben ontzettend blij voor je. Ik hoop dat je nog een heel jaar vol mag maken.”
Nagenoeg een jaar later belt hij opnieuw. Met het verzoek of ik wil langskomen. Het einde komt met rasse schreden dichterbij. ,,Wil je mijn kinderen zoveel mogelijk bij het afscheid betrekken,” vraagt hij, aangedaan door het onomkeerbare lot wat op hem staat te wachten. ,,Dat is voor mij het allerbelangrijkst.”
,,Beloofd, dat doe ik.”
Ondertussen geeft het knipperlicht van de politiemotoren voor me aan dat we links afslaan. Het zijn de laatste meters voordat we de erehaag met alle collega’s agenten en vrienden zullen zien. Ik ben blij voor zijn familie als ik het aantal mensen buiten zie. Met ceremonieel eerbetoon wordt zijn kist uit de rouwauto gehaald en door de haag van mensen naar de ingang van het crematorium gedragen. Doedelzakspelers begeleiden de kist.
Gaat alles volgens afspraak? Nee, niet helemaal. De muzikanten zijn blijkbaar ook onder de indruk van het geheel, want even later lijken zij met de Noorderzon te zijn vertrokken. En dat terwijl zij ook bij aanvang van de plechtigheid zouden spelen. Telefonisch zijn ze ook niet bereikbaar. Het irriteert me, maar al snel denk ik terug aan mijn belofte. Ik weet dat zijn dochter graag op de piano speelt. ,,Hoe zou je het vinden om piano te spelen als alle mensen binnen komen in de aula,” vraag ik het meisje. ,,Ga ik doen,” reageert ze met dezelfde ontwapenende lach die ik zo vaak de voorbije week heb mogen zien.
,,Eigenlijk was dit veel mooier hè,” zegt Willeke tegen mij, als de zon al bijna onder is. Ik knik ‘ja’. ,,Het moest blijkbaar zo lopen. Hij vond het zo belangrijk dat zijn kinderen zoveel mogelijk betrokken zouden zijn bij het afscheid. Dit had hij prachtig gevonden.”